Pure romantiek of onversneden geldklopperij? Over het vieren van Valentijn bestaan vele meningen. Wat wel een feit is: even stilstaan bij de liefde kan nooit kwaad. Wij vroegen aan verscheidene van onze auteurs hoe zij kijken naar een feestdag als Valentijn. Dat leverde behoorlijk uiteenlopende visies op. We laten je graag meegenieten in aanloop naar 14 februari. Vandaag: wiskundige Hannah Fry over de kans op liefde.

In veel opzichten zijn we allemaal gelijk. Tenzij persoonlijke eigenaardigheden een rol spelen, zouden maar weinigen van ons de kans laten lopen om echte, romantische liefde te ervaren. Op de een of andere manier is een zoektocht naar blijvend geluk iets wat we allemaal gemeen hebben. Leren hoe je de partner van je dromen kunt verleiden en vervolgens behouden, behoort tot de sleutelaspecten van deze missie waar we later op terugkomen. Ze betekenen niets zolang je die speciale persoon op wie je genegenheid zich richt nog niet hebt gevonden.
Voor degenen die al een tijdje single zijn, kan het vinden van die ene een onmogelijke opgave lijken. Na een paar jaar van dates met een opeenvolging van saaie Pieten en gestoorde Gerda’s kunnen we ons gefrustreerd en teleurgesteld voelen, en het idee hebben dat het lot ons niet goedgezind is. Er zijn ook mensen die je zullen vertellen dat je gevoelens niet ongegrond zijn. Sterker nog, in 2010 berekende wiskundige en eeuwige vrijgezel Peter Backus dat het aantal buitenaardse beschavingen in het heelal groter is dan het aantal potentiële vriendinnen met wie hij zou kunnen uitgaan.
De situatie is mogelijk minder uitzichtloos dan ze op het eerste gezicht lijkt te zijn. Er zijn per slot van rekening zeven miljard mensen op aarde en terwijl ze niet allemaal aan onze eigen voorkeur zullen voldoen, laat dit hoofdstuk zien hoe we Backus’ methode kunnen gebruiken om te berekenen hoe groot de kans is dat je een partner aan de haak slaat – en in het bijzonder waarom iets opener staan tegenover mogelijkheden de kans vergroot dat je hier, op je eigen planeet, de liefde vindt.

Na een paar jaar van dates met een opeenvolging van saaie Pieten en gestoorde Gerda’s kunnen we ons gefrustreerd en teleurgesteld voelen, en het idee hebben dat het lot ons niet goedgezind is.

In Backus’ artikel, dat de titel ‘Why I Don’t Have a Girlfriend’ draagt (‘Hoe het komt dat ik geen vriendin heb’), geeft hij zijn eigen draai aan een formule die door wetenschappers wordt toegepast om te bekijken waarom de aarde nog niet door buitenaardse wezens is bezocht, en rekent hij uit hoeveel vrouwen zouden voldoen aan zijn criteria voor een vriendin. De vergelijking die Backus gebruikt, is vernoemd naar zijn bedenker, Frank Drake, en beoogt het aantal intelligente buitenaardse levensvormen in ons melkwegstelsel te schatten. De methode is simpel: Drake splitst de vergelijking op in kleinere componenten door te vragen naar de gemiddelde snelheid waarmee zich in onze Melkweg sterren vormen, het percentage van die sterren dat planeten heeft, het percentage planeten waarop leven mogelijk zou zijn, en het percentage beschavingen dat in principe in staat zou zijn een technologie te ontwikkelen voor het de ruimte in sturen van waarneembare tekenen van hun bestaan.
Drake hanteerde een onder wetenschappers bekende techniek, waarbij je de schatting opsplitst in een groot aantal beredeneerde gokken, in plaats van één grote gok. Het resultaat van deze truc is een schatting die, doordat de fouten in elke berekening elkaar onderweg neigen op te heffen, waarschijnlijk verrassend dicht in de buurt van het echte antwoord uitkomt. Afhankelijk van de bij elke stap gekozen waarde (en er is enige discussie over de laatste paar waarden die we hierboven noemden), denken wetenschappers op dit moment dat er in onze melkweg rond de tienduizend buitenaardse beschavingen te vinden zijn. Het gaat hier niet om sciencefiction: wetenschappers hebben zichzelf er daadwerkelijk van weten te overtuigen dat daarbuiten sprake is van leven.
Uiteraard is het, net zoals het onmogelijk is om exact te berekenen hoeveel buitenaardse levensvormen er zijn, niet mogelijk te berekenen hoeveel potentiële partners er voor jou zijn. Maar dat gezegd hebbend, is het kunnen schatten van hoeveelheden die je onmogelijk kunt verifiëren voor iedere wetenschapper een belangrijke vaardigheid. En de techniek – die bekendstaat als het Fermi-probleem – kan worden gebruikt voor alles wat varieert van quantummechanica tot aan de hersengymnastiekvragen waar bedrijven als Google hun sollicitanten aan onderwerpen.
De techniek kan ook worden toegepast op Peter Backus’ poging om te ontdekken of er voor hem intelligente, maatschappelijk ontwikkelde vrouwelijke soortgenoten zijn om een afspraakje mee te hebben.

Uiteraard is het, net zoals het onmogelijk is om exact te berekenen hoeveel buitenaardse levensvormen er zijn, niet mogelijk te berekenen hoeveel potentiële partners er voor jou zijn.

Het idee blijft hetzelfde: splits het probleem op in steeds kleinere stukken, totdat het mogelijk is een beredeneerde gok te doen.
Backus’ criteria luidden als volgt:
1. Hoeveel vrouwen leven er bij mij in de buurt? (In Londen -> 4 miljoen vrouwen)
2. Hoeveel vallen waarschijnlijk in de juiste leeftijdscategorie? (20% -> 800.000 vrouwen)
3. Hoeveel zullen waarschijnlijk single zijn? (50% -> 400.000 vrouwen)
4. Hoeveel zullen waarschijnlijk een universitaire graad hebben? (26% -> 104.000 vrouwen)
5. Hoeveel van hen zullen waarschijnlijk aantrekkelijk zijn? (5% -? 5200 vrouwen)
6. Hoeveel van hen zullen mij waarschijnlijk aantrekkelijk vinden? (5% -> 260 vrouwen)
7. Met hoeveel van hen zal ik waarschijnlijk kunnen opschieten? (10% -> 26 vrouwen)

Waarmee er op de hele wereld voor hem niet meer dan 26 vrouwen resteerden met wie hij bereid zou zijn een afspraakje te maken. Om dat even in perspectief te plaatsen: het zou betekenen dat er ongeveer honderd keer zoveel intelligente, op verre planeten levende beschavingen zouden zijn als potentiële partners voor Peter Backus.
Persoonlijk vind ik Backus aan de pietluttige kant. Wat hij in feite suggereert, is dat hij het met slechts een op de tien vrouwen die hij ontmoet kan vinden, en dat hij slechts één op de twintig van hen aantrekkelijk genoeg vindt voor een date. Het betekent dat hij tot wel tweehonderd vrouwen zal moeten ontmoeten om er eentje te vinden die aan die twee criteria voldoet. En dan hebben we het nog niet eens over de vraag of zij hém wel leuk vindt.
Volgens mij kan het best iets minder stringent. Misschien zouden de getallen er beter als volgt kunnen uitzien:
1. Hoeveel vrouwen leven er bij mij in de buurt? (In Londen -> 4 miljoen vrouwen)
2. Hoeveel van hen zullen waarschijnlijk in de juiste leeftijdscategorie vallen? (20% -> 800.000 vrouwen)
3. Hoeveel van hen zullen waarschijnlijk single zijn? (50% -> 400.000 vrouwen)
4. Hoeveel van hen zullen waarschijnlijk een universitaire graad hebben? (26% -> 104.000 vrouwen)
5. Hoeveel van hen zullen waarschijnlijk aantrekkelijk zijn? (20% -? 20.800 vrouwen)
6. Hoeveel van hen zullen mij waarschijnlijk aantrekkelijk vinden? (20% -> 4160 vrouwen)
7. Met hoeveel van hen zal ik waarschijnlijk kunnen opschieten? (20% -> 832 vrouwen)
Bijna duizend over een stad verspreide potentiële partners dus. Dat lijkt er meer op, volgens mij.

Er is echter nog iets.
Als Backus een aantal criteria iets minder streng zou hanteren, zou hij een veel grotere groep potentiële partners hebben om mee aan de slag te gaan. Sterker nog, hij zou zijn kansen in één keer kunnen verviervoudigen door zich wat minder druk te maken over het academische niveau van zijn toekomstige partner. En de groep dames zou veel en veel groter zijn als hij bereid was om verder te kijken dan alleen Londen.
Merkwaardig genoeg lijkt ons openstellen voor alle potentiële partners echter het tegenovergestelde te zijn van wat we doen als we single zijn. Ik hoorde laatst over een heer met een nog scherpomlijnder idee van wat hij in een potentiële partner zocht. De man had een profiel geplaatst op de datingsite OkCupid, dat een profielgedeelte kent waar je bepaalde ‘afbreekfactoren’ kunt aangeven: dingen die je onder geen voorwaarde bereid of in staat bent te verdragen. Zijn lijst omvatte er meer dan honderd en was zo buitenissig, dat hij het onderwerp werd
van een veelgelezen artikel op de website BuzzFeed. Onder het kopje ‘Do Not Message Me If’ (‘Sms me niet als’) stonden de volgende juweeltjes:
1. Je onnodig spinnen doodmaakt.
2. Je tatoeages hebt die je zelf niet kunt zien.
3. Je in de fysieke wereld over Facebook praat.
4. Je jezelf als een gelukkig persoon beschouwt.
5. Je wereldvrede eigenlijk wel nastrevenswaardig vindt.

Hoe redelijk het ook is om je zoektocht te beperken tot een spinnenminnende, onbedrukte vredehater, het is helaas zo dat een groter aantal afbrekers de kans dat jij de liefde vindt steeds kleiner maakt. Want als je een gigantische lijst als deze invoert in Backus’ vergelijking – of zelfs in mijn versie – zul je helaas een antwoord krijgen dat dicht bij nul potentiële partners ligt.
Natuurlijk hebben we, als het de liefde betreft, allemaal zo onze daar-moet-ze-aan-voldoens en nee-dan-nieten. Maar een uitgebreide lijst als deze roept een interessante vraag op. In hoeverre brengen onze preventieve partnerkeuzecriteria onze kansen om de liefde te vinden feitelijk schade toe?
De realiteit is dat, als mensen single zijn en een toekomstige partner zoeken, ze vaak allerlei ‘moet-beslist’- en ‘dat-beslistniet’- dingen toevoegen die hun kansen drastisch doen teruglopen. Een goede vriendin van me brak een in potentie vruchtbare verkering ineens af, met als enige reden dat de vrijer in kwestie op zwarte schoenen en in een blauwe spijkerbroek kwam opdagen. Een ander maatje van me blijft volhouden dat vrouwen die uitroeptekens gebruiken bij hem geen kans maken! (Het uitroepteken staat er speciaal voor hem.) En hoeveel vrienden hebben we niet die iemand die niet gedreven genoeg is, of rijk genoeg, niet eens in overweging zullen nemen?

Hoe redelijk het ook is om je zoektocht te beperken tot een spinnenminnende, onbedrukte vredehater, het is helaas zo dat een groter aantal afbrekers de kans dat jij de liefde vindt steeds kleiner maakt.

Op de lange termijn betekent het feit dat iemand op papier een goede kandidaat is helemaal niets. Het heeft geen zin je zoektocht te beperken tot mensen die aan alle eisen op jouw lijstje voldoen, omdat je jezelf dan voor een onmogelijke opgave stelt. Kies in plaats daarvan een paar dingen die echt belangrijk zijn en geef mensen een kans. Je zou weleens aangenaam verrast kunnen zijn.
Laten we wel wezen, waarschijnlijk kennen we allemaal mensen die eindigden met iemand van wie ze nooit hadden gedacht dat ze, al was die persoon het laatste levende wezen op aarde, er iets mee zouden krijgen. Per slot van rekening is, om Auntie Mame te citeren, ‘het leven een feestmaal, en creperen de meeste arme drommels van de honger!’

Vraag het maar aan Peter Backus. Hij overtrof zijn eigen verwachtingen door vorig jaar in het huwelijksbootje te stappen.

Lees méér van Standaard Uitgeverij