nieuws

Weg met de content. Leve de inhoud

Kun je een woord begraven? Ja, kijk maar. Het is gebeurd. Gisteren, om kwart over acht, heeft Het Ministerie van Werkplezier het woord ‘content’ plechtig begraven, op het Conscienceplein in Antwerpen, in het bloemperk links van het standbeeld van Hendrik Conscience.

Waarom moest dit woord begraven worden? Omdat het woord content – in de betekenis van inhoud – symbool staat voor de holle managertaal die we vandaag zo vaak in bedrijven horen.
De begrafenis is sereen verlopen, in intieme kring. Er waren vrienden, familie, lezers van het Ministerie van Werkplezier en ook twee honden aanwezig om de laatste groet te brengen. Bij de teraardebestelling werd er nog een korte graftekst voorgelezen. De koffietafel bestond uit witte wijn, rode wijn en rosé. Om half twee ‘s nachts hebben de laatste treurenden het plein verlaten.
Voor wie graag het graf wil groeten: er is een kleine zerk aangebracht, in de vorm van een plantenprikker waarop volgende tekst te lezen staat: ‘Hier rust content’.
Je kan het filmpje van de begrafenis hier bekijken.

Voor wie graag meer wil lezen over het waarom, volgen hier twee fragmenten uit Het Ministerie van Werkplezier:

“Content had in zijn kielzog ook een heleboel vervelende vriendjes meegebracht. Zo heette een hoofdzaak ineens key issue, een beloftevolle collega was een high potential en als het woord branding viel, wist je dat we onze ziel hadden verkocht. We zouden voortaan niet meer schrijven, maar action points uitvoeren en het middle management zou dat dan monitoren.

Elke manager riep dat ie een visie had, maar als je doorvroeg, bleek de visie gewoon een verzameling woorden waar key issue, action points en branding opnieuw in voorkwamen.

Het gebruik van deze woorden werkte buitengewoon aanstekelijk bij het management. En de termen hoefden zelfs niet per se Engels te klinken. Nee, content had ook Vlaamse vriendjes. Ik hoorde mijn chefs bijvoorbeeld na een vergadering zeggen: ‘Wij hebben afgeklopt dat we het kerstfeestje op 15 december gaan houden.’ Ik zag het dan voor me, hoe vijf vrouwen tijdens de vergadering met hun vuisten – of misschien zelfs hun hoofden – op tafel bonkten bij het idee dat op 15 december de kerstballen in het rond zouden vliegen.
Eén van de topwoorden was natuurlijk ‘visie’. Elke manager riep dat ie een visie had, maar als je doorvroeg, bleek de visie gewoon een verzameling woorden waar key issue, action points en branding opnieuw in voorkwamen. Hé, dit taaltje leek op de ronddraaiende ton in de speeltuin van vroeger: je kwam altijd weer bij het begin terug, terwijl je had gedacht dat er iets te beleven viel.”

“Maar. Het leuke van taal is, dat je het natuurlijk zelf in de hand hebt. Je kiest helemaal zelf je woorden. Daarom heb ik een plan. Vandaag word je serieus genomen als je praat over een nieuwsmedium dat content driven is, een project met een schitterende outcome en een product met een geweldig goed unique selling point.

Telkens als iemand nog zo’n term uitspreekt, zeggen we: ‘Kun je even uitleggen hoe jij die contentdrivenheid ziet?’ ‘Over welke outcome ben je nu zo enthousiast?’

Maar het is natuurlijk raar dat we daar ontzag voor hebben. Want het slaat helemaal nergens op. Daarom stel ik het volgende voor. Vanaf nu gaan we voor opheldering. Laten we woorddetectives worden. Telkens als iemand nog zo’n term uitspreekt, zeggen we: ‘Kun je even uitleggen hoe jij die contentdrivenheid ziet?’ ‘Over welke outcome ben je nu zo enthousiast?’ Dat wordt spannend, dat zul je zien.
Een tweede stap is het invoeren van nieuwe, spitse kantoorwoorden. Zo ontdekte ik op taalkabaal.nl bijvoorbeeld het heerlijke woord ‘zeemeeuwmanagement’: de manager komt krijsend aan, schijt de hele boel onder en voor je er iets van kunt zeggen, is ie alweer weg. Herkenbaar?
Maar nieuwe woorden strooien, is natuurlijk nog niet ingrijpend genoeg. We moeten het probleem ook bij de kern aanpakken. Bij de term content. Dit woord heeft zich als een tumor in onze woordenschat vastgezet. Dus zit er niets anders op dan het zieke weefsel chirurgisch te verwijderen.
Daarom roep ik op tot zichtbare actie. Ik denk dat het een goed idee is om dit woord plechtig te begraven. Ik heb al een dag in gedachten: 10 mei 2017. En een plaats: het Conscienceplein in Antwerpen.”

Overzicht

Ilse Ceulemans / Serge Ornelis

Het Ministerie van Werkplezier

'Sommige managers lijken uit een bouwpakket van Ikea te komen. Je hebt dit type vast al een keer op de werkvloer ontmoet: hij heeft zo veel managementcursussen gevolgd, van leiderschap over conflicthantering tot timemanagement, dat hij een kant-en-klaar product is geworden. Je vindt hem bij Ikea terug in de afdeling kantoormateriaal, naast de lectuurbakken, onder de merknaam KNUDDE.' Heeft u weleens buikkrampen als u de uitnodiging krijgt voor het jaarlijkse evaluatiegesprek? Gaan uw oren ook tuiten bij rare managerstermen als 'task force', 'big rocks' of 'core competence'? Vindt u stiekem dat het begrip 'teamplayer' overroepen is? Dan is dit boek beslist iets voor u. Tien jaar geleden besloot journaliste Ilse Ceulemans om minder te gaan werken. Ze wilde meer bij haar kinderen zijn, maar vooral had ze het gevoel dat de managementcultuur haar werkplezier deed verdampen. In 'Het Ministerie van Werkplezier' toont ze waar ze zitten, de energiezuigers en de stoorzenders van de werkvloer. Met de frisse blik van de buitenstaander en de nodige humor fileert Ilse Ceulemans de vreemde gewoontes op en rond het kantooreiland. Haar man Serge Ornelis vult aan vanuit zijn expertise als coach voor managers en beantwoordt Ilses lastige vragen als: Waarom willen we alles in regeltjes gieten? Is de flexibele werknemer een mythe? Hoe ver mag macht gaan? Dankzij dit boek gaat u weer rustiger ademen als u aan uw werk denkt.

Lees méér.

Op de hoogte

Ontvang het laatste nieuws via onze nieuwsbrief