nieuws

De moedige getuigenis van Marianne uit ‘Narcisme’

0

Hoe kan narcisme een invloed hebben op alle facetten van je leven én wat kun je doen om jezelf te beschermen? Nelly De Keye, Vlaanderens eerste narcismecoach, legt je er alles over uit in haar boek Narcisme. Ter ere van World Narcissistic Abuse Awareness Day op 1 juni delen we alvast een moedige getuigenis uit het boek.

Het verhaal van Marianne

Marianne had Walter leren kennen op de tennisclub. Ze had een moeilijke periode doorgemaakt nadat het uit was geraakt met haar jeugdvriendje. Zes jaar waren ze samen geweest, al op school waren ze onafscheidelijk. Maar eenmaal aan het werk was hij verliefd geworden op een collega. Haar vriendin had haar toen meegenomen naar de tennisclub om haar op te vrolijken.

Walter was haar onmiddellijk opgevallen: knap, charmant, en hij had humor. Na de match had hij haar aangesproken en zijn interesse leek oprecht. Ze begreep niet wat hij in haar zag, ze vond zichzelf maar een grijze muis. Zo had haar ex-vriendje haar trouwens genoemd. Walter had haar uitgenodigd voor een drankje en van het een kwam het ander. Een jaar later waren ze getrouwd.

Het mooie sprookje was voorbij toen ze zwanger was van hun eerste kindje. Van de ene dag op de andere veranderde zijn gedrag. Hij ging voortaan alleen naar de tennisclub. Ze vond dat eerst niet zo erg omdat ze sneller moe was en zich niet meer zo aantrekkelijk voelde. Bovendien bleef ze werken als verkoopster in een winkel, waar ze de hele dag moest staan, zodat ze ’s avonds vaak uitgeput was.

Maar het gebeurde steeds vaker dat hij haar afsnauwde als ze zich niet lekker voelde of misselijk was. Ze moest zich niet aanstellen, dit was toch maar een zwangerschap, geen ziekte. Ze had gehoopt de vreugde van het toekomstige ouderschap samen met hem te beleven, maar daar kwam niets van terecht. Voorbereidingen leerde ze voor zichzelf te houden. Het leek wel of hij jaloers was op de baby die zou komen.

De bevalling was erg zwaar en het duurde maanden voor Marianne hersteld was. In die periode ging het van kwaad tot erger. Ze stond overal alleen voor. Als Walter thuis was, verdroeg hij niet dat ze zich met het kind bezighield. Haar aandacht moest helemaal naar hem gaan.

Als ze zijn auto op de oprit hoorde, werd ze zenuwachtig. Welke Walter zou ze vandaag zien?

Omdat ze ’s nachts vaak moest opstaan om borstvoeding te geven, vond hij dat ze beter tijdelijk in de logeerkamer kon slapen. Hij had zijn nachtrust nodig. Dat was echter relatief, want hij bleef soms tot één uur ’s nachts in de tennisclub hangen, en als hij thuiskwam maakte hij zoveel lawaai dat zij en de baby ervan wakker werden. Daarop werd hij kwaad en brulde dat ze dat rotkind moest stilhouden. Wel had hij foto’s van dat ‘rotkind’ altijd op zak om mee te pronken.

Het verbeterde niet in de jaren daarna. Ze kregen nog twee kinderen, maar intussen verslechterde de situatie. Ze werd stilaan bang van hem. Als ze zijn auto op de oprit hoorde, werd ze zenuwachtig. Welke Walter zou ze vandaag zien? Ze had de laatste jaren veel verschillende gezichten gezien. Ze moest constant op haar tenen lopen.

Er was de charmante, lieve Walter op wie ze verliefd geworden was, de minnaar die voor haar weleens een bloemetje meebracht. Ze wist intussen wat dat betekende en wat er dan van haar verwacht werd. De eerste jaren vond ze dat prima. Hij was een goede minnaar en ze kon zelf ook genieten van de seks.

In de loop van de volgende jaren was dat veranderd. Vooral na de geboorte van hun derde kind had ze het gevoel gekregen dat ze geen partners meer waren, maar dat ze voor hem een gebruiksvoorwerp geworden was waarmee hij snel zijn behoeften bevredigde. Van een voorspel of lieve woordjes was allang geen sprake meer.

Toen op een avond zijn stemming wat milder leek, sprak ze hem erop aan. Of hij misschien wat meer aandacht aan haar wilde besteden, in bed, maar niet alleen in bed, ook gewoon overdag als ze samen thuis waren. De afstandsbediening vloog door de kamer, gevolgd door het nog halfvolle glas bier.

Had ze misschien al eens naar zichzelf gekeken in de spiegel? Misschien zou ze dan begrijpen dat hij haar een plezier deed door nog met haar te willen vrijen. Ze leek in niets meer op het meisje met wie hij getrouwd was. Een lelijk dik kutwijf was ze, en hij vroeg zich af wat hij ooit in haar gezien kon hebben.

De komende dagen huilde ze zich in slaap, zich afvragend hoe het nu verder moest. Marianne voelde zich inderdaad lelijk, ze was een paar kilootjes aangekomen na de bevallingen. Had nooit tijd voor zichzelf tussen de zorg voor de kinderen en haar werk, waar het inmiddels ook niet zo goed meer ging.

Haar werk als verkoopster had ze opgegeven omdat ze niet meer op zaterdag wilde werken. Intussen had ze een baan gevonden in een bejaardentehuis. Dat gaf haar meer voldoening, maar tegelijk was het erg zwaar.

Toen ze op een dag haar hart uitstortte bij een vriendin, keek die eerst bedenkelijk en raadde haar toen aan om eens echt in de spiegel te kijken. ‘Misschien moet je eens iets aan je uiterlijk doen, meisje.’ Marianne moest toegeven dat ze inderdaad erg veranderd was. De vermoeide vrouw met grauwe teint en vermoeide ogen in de spiegel leek in niets meer op de frisse opgewekte vrouw van zo’n tien jaar geleden.

Een lelijk dik kutwijf was ze, en hij vroeg zich af wat hij ooit in haar gezien kon hebben.

Ze besloot dat het hoog tijd was daar iets aan te doen. Ze zou ervoor zorgen dat Walter haar weer aantrekkelijk zou vinden. Ze legde zichzelf een zwaar dieet op, kookte voor Walter en de kinderen, maar hield intussen voor zichzelf de blik op de weegschaal.

Een paar maanden later stortte ze in. Ze kon niet meer. De huisarts sprak over een burn-out en gaf haar een maand ziekteverlof. Dat bracht haar een paar dagen rust, maar heimelijk miste ze het werk in het bejaardentehuis. Dat gaf haar tenminste wat afleiding van het gepieker over haar relatie met Walter.

Tegelijk vond Walter dat ze wel wat meer aandacht aan het huishouden kon besteden, nu ze toch niets anders te doen had. ‘Wat doe jij eigenlijk een hele dag terwijl ik ga werken voor ons gezin?’ vroeg hij op een keer. Dat was de druppel geweest.

Haar moeder – die zich er niet mee mocht bemoeien van Walter – kon net op tijd voorkomen dat Marianne in de psychiatrie terechtkwam door haar een tijdje mee te nemen naar het ouderlijk huis. Marianne sliep drie dagen aan één stuk.

Toen vertelde ze wat er al jaren aan de hand was, iets wat ze nooit had gedurfd. Ze was haar echtgenoot en vader van haar kinderen altijd blijven verdedigen, op het einde tegen beter weten in.

Een week later was ze verhuisd, met de steun van haar ouders. Dat was het begin geworden van een jarenlange vechtscheiding met als inzet het hoederecht over de kinderen en de financiën.

 

Meer lezen?

 

Op de hoogte

Ontvang het laatste nieuws via onze nieuwsbrief