interview

Hoe beleefden stripauteurs de COVID 19-periode

Het leek het ideale thema voor een spannende thriller of een rampenfilm: een dodelijk virus dat de wereld decimeert. Het leek een vage herinnering van wat ooit in een ver verleden was gebeurd: de pest, tyfus, de Spaanse griep. Het brak eind 2019 uit in China en het zou zeker de Chinese landgrenzen niet overschrijden, maar het kreeg een naam: corona. We hadden beter moeten weten. Het bleek dodelijk te zijn en zich snel te verspreiden. Op 18 maart 2020 ging België in lockdown light, op 23 maart volgde Nederland met een intelligente lockdown. Sindsdien beheerste het coronavirus ons denken en doen.

Toch stond de wereld niet stil. Het virus inspireerde Merho zelfs tot hetbedenken van een nieuw de Kiekeboes-verhaal: Patiënt Zero. En ook zijncollega’s maakten nieuwe prachtige stripalbums. Hoe beleefden stripauteurs Merho, Nix en Steve Van Bael de COVID 19-periode?


Pandemie? Is er een pandemie?


Opgelucht dat we konden vertrekken

Plotseling was het coronavirus er en de westerse wereld ging op slot. Of was het voor jou toch niet zo plotseling? Heb je er ooit rekening mee gehouden dat het eens zou kunnen gebeuren dat een virus een echte fysieke bedreiging zou vormen?

Merho: Begin vorig jaar was dat hele virus nog een ver-van-mijn-bedshow. Dat zou wel overwaaien. Maar tijdens de krokusvakantie moesten mensen in quarantaine in een hotel op Tenerife. Wij gingen kort daarop zelf voor tien dagen naar Gran Canaria. Op mijn leeftijd moet je weleens een pilletje slikken. Uit voorzorg had ik dus toch maar een voorraadje medicijnen meegenomen. Plus aantekeningen voor een nieuw scenario. Als ik dan vast zou zitten, kon ik me alleszins nuttig bezighouden. Op Gran Canaria was er geen vuiltje aan de lucht. Veel volk op straat, alle winkels open en overvolle terrasjes. Op BVN volgden we elke avond het VRT-nieuws. En dat werd van dag tot dag grimmiger. Op onze laatste vakantiedag gingen alle winkels en restaurants dicht en moesten we in het hotel lijven. We waren heel opgelucht toen we de volgende morgen gewoon konden  vertrekken. Weliswaar in een overvolt vliegtuig, en van mondmaskers was nog lang geen sprake. Het was de dag dat in Belgie de eerste lockdown begon. We dachten toen nog dat we er op een paar maanden vanaf zouden zijn. Dat draaide helemaal anders uit.

Nix:
Het zat er een beetje aan te komen als je ziet hoe de mens de aarde als een wegwerpproduct behandelt. Een pandemie aangrijpen om de teloorgang van biodiversiteit aan de kaak te stellen blijkt wetenschappelijk kort door de bocht te zijn. Maar menselijke activiteiten in de buurt van natuurlijke ecosystemen brengen onmiskenbaar risico’s met zich mee. En aangezien de mensensoort heel talrijk is, was het voor zo’n virus als SARS-CoV-2 opeens wel party time. Acht miljard gastheren! Wij mensen mochten geen feest meer vieren, het virus amuseerde zich te pletter.

Steve Van Bael: Die vraag overvalt me al meteen, net zoals het virus ons bijna twee jaar geleden heeft overvallen … Nee, in feite. Ik heb daar nooit rekening mee gehouden. Omdat ik altijd positief probeer te blijven en te redeneren. Als je over alles negatief denkt, dan trek je dat meestal aan. Natuurlijk moet je wel helder en realistisch blijven denken. Los van het virus heb ik er al wel over nagedacht wat ik zou doen als ik nu bijvoorbeeld mijn rechterhand (tekenhand) niet meer zou kunnen gebruiken. Een duim die je kwijtraakt door een ongeluk of zo…

Het eenzame monnikenwerk

Auteurs hebben een eenzaam beroep, dat is bekend, maar hoe veranderde jouw leven en jouw werksituatie door de restrictieve maatregelen in de bestrijding van het virus, de lockdown, de bubbels, de mondmaskers … Had dit tijdens die periode zelf ook invloed op je werk, zowel mentaal als praktisch?
Merho: Voor mij veranderde er niet zoveel tijdens de lockdown. Ik ben een kluizenaarsbestaan gewend. Voor vrienden en kennissen van mijn generatie viel het niet altijd mee. Vroeger benijdde ik hen weleens voor de vele uitstapjes, citytrips, reisjes en lunches, terwijl ik altijd weer gegijzeld werd door de Kiekeboes. Maar zij vielen in een zwart gat, terwijl voor mij eigenlijk alles gewoon doorging. Sinds de digitalisering werken mijn medewerkers sowieso grotendeels van thuis uit. Dat veranderde dus ook niet. Natuurlijk miste ik de sociale contacten. Mijn kleinkinderen, etentjes met vrienden en niet te vergeten: reizen. We hadden er vorig jaar nog een paar gepland. Die werden doorgeschoven naar dit jaar en ze zijn ondertussen nog eens uitgesteld tot volgend jaar. In juli van dit jaar gingen we met de familie naar Griekenland, voor het eerst sinds lang allemaal samen op vakantie. Dat deed veel deugd.

Nix: Ik werk inderdaad al twintig jaar thuis. Als er veel deadlines tegelijk zijn, gebeurt het dat ik wekenlang niemand zie. Dus ging die lockdown een beetje onopgemerkt voorbij.

Ik maakte de eerste maanden bij vrienden die aan de telefoon over de pandemie begonnen nog wel een flauwe grap: ‘Pandemie? Is er een pandemie?’ Het leukste was het verbod op niet-essentiele verplaatsingen. Daardoor was er zo weinig verkeer dat het leek op mijn kindertijd in de jaren zeventig. Toen speelden wij op straat en reden er amper auto’s. We spanden een koord over de rijweg en begonnen te tennissen. Als er dan toch eens een wagen aankwam, maakten wedat touw even los. Niemand die zich druk maakte. Dat zou je vandaag maar moeilijk kunnen, behalve in de officieel vergunde ‘speelstraten’ die met dranghekken afgezet worden. Maar tijdens de lockdown kon het wel weer even.

Van Bael: Altijd thuis werken ben ik inderdaad gewend en dat heeft zijn vooren nadelen. Tijdens de lockdown waren er wel meer nadelen dan voordelen. Het enige verschil was dat het hele gezin nu plots ook thuisbleef en dat was ik niet gewend. Ik werk overdag altijd ongestoord ,en zonder te veel afleiding aan mijn stripverhalen. Iemand die niet in een creatieve sector zit, en in dit geval het soms eenzame monnikenwerk als striptekenaar, kan niet begrijpen dat je een soort van stilte of cocon nodig hebt om je te verdiepen in het stripwerk. Dat was nu plots anders. Zo moesten mijn vrouw en ik op een gegeven moment zelf leraar spleen voor onze dochter en dat nam veel tijd in beslag. Mijn vrouw moest bovendien dikwijls uit werken gaan omdat zij in de verpleging zit. Op een gegeven moment moest ik dus het tekenpotlood overdag neerleggen, omdat ik plots huisvader was geworden en niet meer aan tekenen toekwam. Zo moest ik ‘s avonds of ‘s nachts voortwerken, want aan tekenwerk en opdrachten was er geen gebrek. De tekenproducties bleven doorlopen. En zo was plots mijn dagelijkse structuur uit elkaar gebrokkeld. Ik werkte mij eigenlijk gewoon helemaal in het rood. Op een gegeven moment was ik op, uitgeblust, maar ik wou daar niet aan toegeven. Ik wist dat ik rust nodig had, maar ik wilde er niemand mee lastigvallen omdat ik mijn job niet kwijt wou. Mijn uitgever, alsook Merho, zijn mij altijd blijven steunen en daar ben ik hen heel dankbaar voor, want de deadlines dreigden catastrofaal te worden. Op een bepaald moment geraakte ik terug op de rails en heb ik alles nog kunnen redden qua deadlines.

Een feestje

Zette de pandemie je aan het denken om dingen in je leven of je werkomgeving te veranderen?

Merho: Voor deze pandemie was ik mijn leven al aan het herschikken. Ik vind strips maken nog altijd fijn, maar op mijn leeftijd mag het geen dwangarbeid worden. Het moet een feestje blijven. Geen druk, dus minder albums per jaar zodat er meer tijd overblijft voor andere dingen. Maar tijdens de lockdown was ik blij dat ik mijn werk had. Daardoor verschijnen er dit jaar voor een keer nog eens vier albums. Maar de gemiste reizen en vakanties ga ik in de toekomst wel weer inhalen.

Nix: De pandemie bleek voor heel wat sectoren nefast, maar op stripauteurs had ze voorlopig weinig impact. Van mijn uitgevers hoor ik dat ze het afgelopen jaar goed verkocht hebben. Naast mijn werk ben ik opnieuw gaan studeren. Ik volg een Master in Artificial Intelligence aan de KU Leuven. De dingen die ik daar zie, zullen meer impact hebben op ons metier.

Van Bael: Door de pandemie besef ik dat ik af en toe eens meer tijd moet maken voor mijn gezin. Ik doe mijn job supergraag, maar tussendoor moet je ook nog wat genieten van het leven, de kleine dingen, je gezin … Want het leven gaat veel te snel. Mijn werkstructuur is dezelfde gebleven, toch op een paar weekends minder na. Die tijd spender ik dan met mijn gezin, familie en vrienden…

Positief blijven

Heb je ook positieve dingen gezien? Voor de wereld, maar ook voor je eigen situatie?

Merho: Ik denk dat de lockdown ons geleerd heeft dat onthaasten niet zo’n slechte zaak is. We zijn altijd druk druk druk in de weer en we rennen van de ene burn-out naar het andere hartinfarct. Alleen vrees ik dat we dit weer vlug gaan vergeten en hervallen in het oude patroon.

Wat me ook opviel tijdens de lockdown, is dat wildvreemde mensen tijdens het wandelen elkaar gemakkelijker goedendag zeiden. Door alle regeltjes werd onze bewegingsvrijheid flink beperkt. Maar het kan veel erger. Als ik denk aan gevangenen die voor jaren opgesloten zitten. Of Anne Frank die als tiener moest onderduiken in het achterhuis. Daarmee vergeleken viel het allemaal nog heel erg mee.

Nix: Er zijn mooie initiatieven van solidariteit en verbondenheid ontstaan. En er wordt iets meer gepraat en geschreven over duurzaamheid. In de supermarkt groeit het aanbod aan vegetarisch eten en initiatieven die de korte keten promoten, worden populairder. Maar het blijft veel te weinig. Ik zeg soms triomfantelijk dat ik tot het een procent behoor, alsof ik tot de rijkste top behoor. Maar eigenlijk bedoel ik het een procent vegetariers. Zo marginal is het voorlopig nog.

Van Bael: Ik merk dat er terug meer strips gelezen worden. Het is nog niet de grote revival zoals in de Jaren zeventig en tachtig, maar het is een begin. Ik blijf er steevast in geloven dat strips zullen blijven bestaan en op een bepaald moment zelfs terug een grote hype zullen worden. Immers, alles in de geschiedenis herhaalt zich. Kijk bijvoorbeeld maar naar de terugkeer van de retro, de platenspelers, de grote hoofdtelefoons in plaats van Kleine in-ears, de gameconsoles met spelletjes uit de jaren tachtig… Positief blijven is de boodschap.

Inspiratie

Op creatief vlak putte Merho inspiratie uit de coronacrisis met zijn nieuwe de Kiekeboes-verhaal Patiënt Zero. Marnix en Steve, staat er bij jullie iets te borrelen rond het thema van de pandemie?

Nix: In de stripserie De Buurtpolitie kwam er al een pandemie voor in album 5. En overstromingen hebben ze ook al gekend in album 10. Dat getuigt geenszins van helderziendheid, hoor. Met deze reeks hou ik graag een vinger aan de maatschappelijke pols. Maar het is in de eerste plaats een strip voor een erg jeugdig publiek, zwaarwichtig wordt het dus nooit.

Van Bael: Naast tekenaar ben ik ook scenarist. Door het tekenwerk voor de Nachtwacht en de Kiekeboes heb ik nu helaas al jaren niet meer kunnen schrijven en dat wringt wel een beetje. Want ik schrijf heel graag. Mijn lades liggen vol met schrijfmateriaal, ideeen, plots, synopsissen… Zo ben ik onlangs terug beginnen te schrijven. In een van die verhalen speelt een ‘soort’ virus inderdaad de hoofdrol. Niet het covidvirus, maar iets soortgelijks.

Scherven en parels

En wat met de toekomst? Toch met een zorgelijke blik of blijf je optimistisch?

Merho: Iedereen die het meemaakte zal deze pandemie voor de rest van zijn of haar leven blijven onthouden. Zoals de generatie van mijn ouders het altijd weer over de oorlog had. Zoiets is ons tot nu toe bespaard gebleven. Er zullen misschien nog pandemieen volgen. Er is de vervuiling van de oceanen, de migratievloed, de klimaatproblematiek en noem maar op. Als je de geschiedenis erop naleest, heeft elke tijd gekampt met conflicten en schijnbaar onoplosbare situaties. Maar we zijn er telkens weer doorgekomen. Dus blijf ik optimistisch.

Nix: De pandemie heeft aangetoond dat er in geval van urgentie snel en efficient kan gereageerd worden. Dat zat ik te bedenken tijdens het kwartiertje verplichte rust na de vaccinatie. Als je ziet hoe alert er ingespeeld werd op de besmettingscijfers en hoe snel die vaccins ontwikkeld werden. Als we nu dezelfde urgentie zouden voelen voor de klimaatzaak, dan denk ik dat het nog wel goed komt.

Van Bael: Met positief vooruit te kijken, bereik je het meeste. Ter plaatse blijven trappelen is niks voor mij. Persoonlijk denk ik ook dat er voor alles altijd een oplossing is, ook al is het soms moeilijk. ‘Onmogelijk bestaat niet, dat is een uitvlucht om niks te moeten doen’. Dat is een stelling die ik op twintigjarige leeftijd heb ontdekt en ik heb mij daar altijd aan gehouden. Hoe moeilijk het soms ook is. Blijven doorzetten en niet opgeven. In de scherven van het verleden liggen de parels voor morgen…


Merho over Patiënt Zero

‘Hoe vaak hebben ze me vorig jaar niet gevraagd of ik een verhaal wilde maken over de pandemie. Oorspronkelijk was ik het helemaal niet van plan. Want eens dit achter de rug is hebben de mensen het wel even gehad met die pandemie. En zitten ze niet te wachten op een strip of een film die er opnieuw over begint. Bovendien verval je vlug in cliches. De complottheorie. Iemand verspreidt een virus en heeft als enige een vaccin in handen dat de wereld kan redden. Iets te veel voor de hand liggend en met een te hoog James Bond-gehalte. Maar alles wat er rond de pandemie en de lockdown hing was wel interessant. Thuiswerk, scholen die sluiten, bejaarden in afzondering, reisverbod, avondklok, de media, verklaringen van ministers, virologen die plots BV’s worden … Toen ik over dit alles nadacht, ging er een lichtje branden. En uiteindelijk besloot ik er toch iets mee te doen.’

Nix over De Buurtpolitie

De Buurtpolitie 15 is er eentje van veel misverstanden. De poetsvrouw sluit per ongeluk het hele team op in het politiebureau en de commissaris denkt dat het om een gijzeling gaat. Terwijl ze daar ’s nacht in hun kantoor bivakkeren, wordt er ingebroken.

Steve Van Bael over Nachtwacht

‘Het verhaal begint met een hevig gevecht tussen Keelin en een ‘cultri’, een ontsnapte klauwdemon. Keelin ontkomt op het nippertje aan de dood. Gelukkig kan Vlad haar redden en wordt de demon teruggestuurd naar de onderwereld. Ondanks het feit dat Keelin er met een paar kleerscheuren van afkomt, beslist de Hoge Raad om de Nachtwacht meer bescherming te bieden. Daarvoor schakelt de raad Teleria in, een elf gespecialiseerd in magische natuurkrachten. Teleria heeft speciale beschermingsvesten voor de Nachtwacht ontworpen, dankzij de magie van Spirita, een onderwereldse energiebron. Maar Spirita blijkt onbetrouwbaar en de beschermende vesten keren zich tegen de Nachtwacht. Tot overmaat van ramp stuurt Spirita de homunculi naar de aarde: kleine wezentjes die machines tot leven wekken. Het plan is om van de vesten af te raken en Spirita uit te schakelen in de onderwereld. Maar het wezen verschuilt zich in een al even bizarre als gevaarlijke wereld … De uitdaging in dit verhaal lag erin om alle machines, auto’s, tanks enzovoorts tot leven te laten komen zodat de pagina’s vol beweging zouden zitten.’

Op de hoogte

Ontvang het laatste nieuws via onze nieuwsbrief